Begeleid Uitdagend Onderwijs; ervaringen van leraren

In PrimaOnderwijs van september 2017 is het model voor Begeleid Uitdagend Onderwijs (BUO) geïntroduceerd. Een model waarmee leraren en leerlingen gemotiveerd en met plezier elkaar ontmoeten en waarmee de leeropbrengsten stijgen. 51 leraren van verschillende basisscholen van Stichting Robijn in Nieuwegein en IJsselstein zijn aan het werk gegaan met dit model. In een cursus van vijf bijeenkomsten hebben ze kennis gemaakt met het BUO model en met de achterliggende ideeën. Ze zijn met elkaar, en met de ontwerpers van het model, aan de slag gegaan om verschillende krachten in hun eigen praktijk uit te proberen in een deels ontworpen les. De ervaringen met het uitproberen van de krachten zijn tijdens de bijeenkomsten gedeeld om te komen tot verdieping.

Uit vragenlijsten en verslagen blijkt dat positieve effecten vooral worden gezien bij het inzetten van de krachten Passie en enthousiasme, Goede instructie, Effectieve feedback en Self explanation. Enkele voorbeelden van ervaringen zijn; “Door mijn instructie nog beter voor te bereiden kwamen de kinderen tot betere oplossingen dan gisteren”, “Feedback zorgde ervoor dat het kind verder kon en zich niet meer hoefde te vervelen” en “Door verschillende lessen in teamverband voor te bereiden hebben we elkaar kunnen inspireren en zijn de instructies effectiever geworden”.

In dit artikel wordt eerst het BUO model besproken waarna de gevonden ervaringen van de leraren worden getoond. Tot slot wordt vanuit deze ervaringen het belang van het BUO model geschetst.

Wat is het BUO model?

Het BUO model, voor Begeleid Uitdagend Onderwijs (zie figuur 1). Gaat uit van zeven krachten, afkomstig vanuit de wetenschappelijke literatuur. Wanneer alle krachten van het model succesvol zijn ingevoerd, gaan en blijven leerlingen gemotiveerd aan het werk en stijgen de leeropbrengsten. Met BUO vindt de leerkracht zijn eigen speelruimte terug en beoefent hij zijn professie met nog meer passie.

 Buomodel

 

Figuur 1: Het BUO-model ©. De zeven krachten bij begeleid uitdagend onderwijs (De Boer & Van Velthooven, 2017).

Belangrijk is dat dit model niet hiërarchisch is. Het is de leerkracht die bepaalt met welke kracht hij wil beginnen. In zijn lesvoorbereiding stelt hij zichzelf de drie fundamentele vragen die bij de gekozen kracht horen (zie figuur 2). De vragen prikkelen de leerkracht tot nadenken over alternatieve voorbereidingen, keuzen, mogelijkheden en acties die toepasbaar zijn in de les. Hij bepaalt zelf de mate en duur van het inzetten van de kracht. Ook kan hij een andere kracht inzetten en toevoegen. Hij betrekt zijn leerlingen van begin af aan hierbij. Hij vertelt wat hij van plan is te gaan doen, vraagt feedback en laat de leerlingen meedenken. Aangeraden wordt om met meerdere collega’s krachten te bepalen om in te zetten in de verschillende klassen. Hierbij kan de leerkracht met zijn collega’s samen voorbereiden, uitvoeren en nabespreken. 

Krachten

Fundamentele vragen

Preparatie

- Welk kerndoel staat centraal en welk onderwerp vanuit de leerlijnen ga ik nu behandelen?

- Zijn de taken/opdrachten vanuit de methode uitdagend genoeg en welke taken/opdrachten voeg ik vanuit andere bronnen toe, zodat elke leerling meer uitgedaagd wordt?

- Ga ik de les of onderdelen van de les samen ontwikkelen en evalueren met collega’s?

Passie en enthousiasme

- Heb ik een persoonlijk en enthousiasmerend verhaal?

- Toon ik mijn enthousiasme?

- Sluit ik aan bij de belevingswereld van de leerlingen?

Self-efficacy

- Voelen veel leerlingen aan het begin van de les dat de taak te doen is?

- Bouw ik tijdens de les momenten in waarbij ik de vorderingen laat zien en het geloof in eigen kunnen bij de leerlingen blijf stimuleren?

- Maak ik ruimte om aan het einde van de les te vragen hoe de leerlingen hun vorderingen zien?

Goede instructie

- Zet ik verschillende vormen van goede instructie in?

- Hoe controleer ik of de instructie is begrepen?

- Hoe kom ik erachter of de instructie bijdraagt tot beter leren?

Effectieve feedback

- Maak ik voldoende tijd vrij voor het geven van effectieve feedback?

- Ben ik in staat om relevante en open vragen te stellen over taak- en leerprocessen?

- Ben ik in staat om leerlingen in homogene en heterogene groepen te leren om effectieve feedback aan elkaar te geven?

Self-explanation

- Ben ik in staat om bij een vraagstuk verschillende oplossingsstrategieën aan te bieden?

- Organiseer en stimuleer ik dat de leerlingen het proces om tot de oplossing te komen uitleggen tijdens het leren, zodat ik weloverwogen kan besluiten welke leerlingen uitdagender opdrachten of taken aankunnen?

- Organiseer ik dat leerlingen de verschillende processen om tot oplossingen te komen uitleggen aan elkaar, zodat zij van en met elkaar leren?

Zelfsturend leren

- Stimuleer ik dat de leerlingen zelf initiatief nemen en regie voeren over hun leerproces?

- Geef ik ondersteuning waardoor leerlingen gaan samenwerken en verbinding maken met anderen?

- Omarm ik in deze les dat fouten geen mislukkingen zijn, maar leermogelijkheden?

Figuur 2: Overzicht krachten en fundamentele vragen BUO-model © (De Boer & Van Velthooven, 2017).

Ervaringen van leraren

Tijdens de cursus hebben de leraren lessencycli ontwikkeld aan de hand van de krachten van het BUO model. Aan het eind van de cursus hebben 51 leraren een vragenlijst ingevuld. Door middel van deze vragenlijst zoeken de ontwerpers van het model naar de ervaringen van de leraren met het werken met het BUO-model. Er is gevraagd naar of en in welke mate er positieve effecten met het werken met het BUO model zowel bij de leraren als de leerlingen zijn gezien. In verslagen van de lessencycli hebben de leraren benoemd wat de effecten met het werken met deze krachten zijn.

Positieve effecten bij leerlingen

Uit de vragenlijsten blijkt dat de leraren bij alle krachten positieve effecten zien bij de leerlingen. Deze positieve effecten worden vooral gezien bij het inzetten van de krachten Passie en enthousiasme, Goede instructie, Effectieve feedback en Self explanation. Deze positieve effecten worden in de verslagen omschreven als; 

Passie en enthousiasme:

“Mijn enthousiasme had meteen een positief invloed op de kinderen, ze wilden aan de slag”

“mijn enthousiasmerend verhaal en de koppeling met de belevingswereld van de kinderen werkte bij de groep heel erg goed. De kinderen wilden direct verder met de opdrachten”.

 

Goede instructie:

“Door een steiger aan te leggen door middel van scaffolding hebben we houvast geboden en werd het zelfvertrouwen van de leerlingen vergroot”.

“Door mijn instructie nog beter voor te bereiden kwamen de kinderen tot betere oplossingen dan gisteren”

 

Effectieve feedback:

“ze vonden het heel prettig dat ik de tijd nam om echt met ze te praten over hun werk en hoe ze denken. Ze waren trots om dat te vertellen."

“Feedback zorgde er voor dat het kind verder kon en zich niet meer hoefde te vervelen."

 

Self explanation:

"Dit vonden de kinderen heel erg leuk. Nu stond er een leerling voor de klas als meester. Je zag hierdoor meer bevlogenheid bij de leerling en betrokkenheid bij de klas."

"Door de oplossingsstrategie aan mij te vertellen kwam de leerling er zelf achter waar hij niet mee verder kon."

Positieve effecten bij leraren

Uit de vragenlijsten blijkt dat de leraren bij alle krachten positieve effecten zien bij zichzelf. Deze positieve effecten worden vooral gezien bij het inzetten van de krachten Passie en enthousiasme, Goede instructie, Effectieve feedback en Self explanation. Dit komt overeen met de positieve effecten die ze ervaren bij de leerlingen. De positieve effecten die de leerkrachten ervaren bij zichzelf worden omschreven als;

Passie en enthousiasme:

"Ik toon altijd mijn enthousiasme maar door van te voren nog wat beter na te denken over een persoonlijk verhaal zijn de kinderen tijdens de les nog meer betrokken en enthousiast."

"Mijn enthousiasme werkte erg motiverend op het gedrag van de kinderen."

 

Goede instructie:

“Goede instructie is niet alleen een voordeel voor de leerlingen maar heeft ons als leerkrachten ook weer extra tijd opgeleverd."

“Door hier bewuster mee bezig te zijn ze je de betrokkenheid van de kinderen enorm groeien, dit wilde ik ook graag bereiken en gaf mij een goed gevoel."

 

Effectieve feedback:

"Effectieve feedback deed mij meer beseffen waar kinderen tegenaan kunnen lopen."

"Iik merk dat ik dit ook inmiddels al in veel meer lessen heb toegepast en dat het echt een routine is geworden."

 

Self explanation:

“Ik merkte dat ik veel meer inzicht kreeg in de gedachten van het kind."

 "Hierdoor kreeg ik in de gaten wat ik niet goed had uitgelegd."

Een ander positief effect dat gekoppeld is aan krachten gaat in op de effecten op de resultaten van de leerlingen. Een kleine selectie van quotes van leraren hierbij zijn: 

Preparatie/ Self efficacy: 
“Leerlingen scoren al beter bij de toets.”

Effectieve feedback:
“Omdat leerlingen zich bewust zijn van wat ze later moeten beoordelen stijgt ook het eigen niveau."

Goede instructie:
"De kinderen hadden het beter gedaan dan de vorige keer."

Preparatie:
“We hebben ervaren dat, op drie na, alle leerlingen vooruitgang geboekt hebben in relatief weinig tijd."

Een positief effect dat niet gekoppeld is aan een kracht maar dat wel een onderlegger is van het BUO model is het samenwerken van de leraren. Bij het werken met het model is het van belang dat de leraren ruimte vinden om samen te werken en lessen voor te bereiden. Hierover werd gesteld: 

“Door verschillende lessen in teamverband voor te bereiden hebben we elkaar kunnen inspireren en zijn de instructies effectiever geworden."

 “De tips van mijn collega’s over instructie werkte erg goed."

Betekenis

Wat betekent dit nu voor de toepassing van het BUO model in de klas? De quotes laten zien dat het werken met de krachten er inderdaad toe bijdraagt dat de leerlingen gemotiveerder aan het werk gaan en blijven. De leerkracht vindt zijn eigen speelruimte terug en oefent zijn professie met nog meer passie uit. Voorzichtig kan uit de quotes opgemaakt worden dat de leerresultaten vooruit gaan.

Leraren geven tijdens de bijeenkomsten aan dat het werken met het BUO model en de fundamentele vragen hen bewuster maakt van hun eigen rol in het leerproces van leerlingen. Opvallend is dat zowel bij leraren als leerlingen vooral positieve effecten bij dezelfde krachten worden genoemd (Passie en enthousiasme, Goede instructie, Effectieve feedback en Self explanation). Op dit moment nemen 25 leerkrachten van de Borgesiusstichting uit Oudenbosch deel aan de cursus.  Hier zal worden gekeken of bij dezelfde krachten effecten worden gevonden en welke effecten er bij de andere krachten (Zelfsturend leren, Preparatie, Self efficacy) ervaren worden.

  


Blijf op de hoogte

Meld je aan voor de PrimaOnderwijs nieuwsbrief

Nieuwsbrief