Vragen over gedrag in de klas

Klik op de vraag om meteen naar het antwoord te gaan. Staat het antwoord er niet tussen? Stuur je vraag naar info@onderwijsdesk.nl.

 

 Wat is hoogsensitiviteit en hoe kan ik het herkennen?

Marthe uit Loppersum

Onderwijsdesk
20 procent van de kinderen heeft kenmerken van hoogsensitiviteit. Op school nemen deze leerlingen meer details in de klas waar, beleven ze gevoelens intens en kan een lesverandering hen van streek maken. Ze presteren beter als anderen niet meekijken, reageren gestrest op onverwachte gebeurtenissen of als je op strenge toon de klas toespreekt. Op harde geluiden en andere externe prikkels kunnen ze heftig reageren. Hun hoofd zit vaak vol onrust, waardoor ze zich moeilijk kunnen concentreren. Sommigen trekken zich terug, anderen worden hyperactief of worden snel boos. Uit een onderzoek onder ruim 500 leerkrachten uit het basis­onderwijs blijkt dat 48 procent van de leerkrachten niet bezig is met het voorkomen van overprikkeling. (Bron: ECP Onderzoeksmethoden, mei 2010, S. Lucassen, E. Oudshoorn.)

TIP: Wordt hoogsensitiviteit niet herkend/erkend, dan worden deze kinderen door overmatige overprikkeling ten onrechte als ADHD-er of autistisch ‘bestempeld’. Hoogsensitieve leerlingen zijn gebaat bij rust en harmonie in de klas, bij een vaste dagstructuur en bij duidelijke, voorspelbare opdrachten. Geef daarom deze leerlingen de ruimte om de rust op te zoeken. Kijk of je een ‘chilltafel’ in de klas kunt maken waar kinderen zich met luisterboeken of muziek kunnen ontspannen. En wat als je als leerkracht hoogsensitief bent? Dan helpt jou de cursus Rustmoment in de klas. onderwijsdesk.nl/courses/rustmoment-in-de-klas


Wat doe ik als een leerling de regels overtreedt?

Sarina uit Zaandam

Onderwijsdesk
Reageren op grensoverschrijdend gedrag kost veel energie en maakt je ook murw, als de leerling zijn of haar gedrag niet aanpast. Je doet iedere keer weer je best, soms hanteer je sancties, dan probeer je het met positieve feedback. Zo’n leerling zou direct zijn baan verliezen als hij zich zo bij een baas zou gedragen. Het vergt een gezonde dosis humor en flexibiliteit om leerlingen tot ander gedrag te manen.

TIP 1 Maak de leerling ‘de bewaker’ van de regels de eerste week dat je de verandering inzet. Bespreek met de klas de Top 3 regels die bij een goede werksfeer horen. Maak de regels concreet, check of de hele klas het begrijpt en geef voorbeelden van een goede handhaving. Stel samen met de klas de positieve consequenties op, bijvoorbeeld film kijken als ze goed hebben gewerkt. Zorg ervoor dat deze beloningen niet pas na een week worden gegeven maar direct volgen op een goede les. Bedenk eveneens samen de sancties die een logisch gevolg zijn op de overtreding van de regel. Leg deze sancties ook met de klas vast op papier. Op deze manier ben je geloofwaardig voor leerlingen en bied je hen respect door samen een optimale sfeer af te stemmen. Blinde volgzaamheid is niet meer van deze tijd.


Hoe creëer je een TOPsfeer in je klas?

Peter uit Utrecht

Onderwijsdesk
Als leerkracht weet je dat het pestprobleem zich ieder jaar weer opnieuw aandient, alle kanjertrainingen, lespakketten, gelukskoffers en kringgesprekken ten spijt. De gevolgen van pesterijen zijn ernstig. Uit onderzoek blijkt dat leerlingen die twee weken regelmatig gepest worden al afwijkend gedrag vertonen en zich schamen om het thuis of op school te melden. Ze gaan aan zichzelf twijfelen, het haalt hun zelfbeeld onderuit, hun leerprestaties gaan achteruit, het maakt hen argwanend en ze raken het vertrouwen in volwassenen kwijt.

TIP 1: Geef iedere dag een cijfer op de schaal van 1 t/m 10. Formuleer de doelen in ‘het gaat ons lukken om…’

TIP 2: Zet een negatieve sfeer neer als een gemeenschappelijk klasprobleem. Leg de schuld niet bij één leerling of bij een groepje.

TIP 3: Werk oplossingsgericht. Besteed tijd aan oplossingen in plaats van het analyseren van problemen. Elk probleem kent momenten dat het niet of minder aanwezig is. Leg daar de focus op. Probleemgedrag kun je beter herkaderen in ‘wel goed’ gedrag.

TIP 4: Bouw voort op de kleine successen en vergroot deze uit. Negeer zo veel mogelijk de tegenvallers. Wanneer je je samen met de klas als één front op een topsfeer richt, dan is de basisveiligheid voor ieder kind een feit en kan ieder kind gedijen in een goed en veilig leefklimaat.

TIP 5: Start het schooljaar met een cursus vol praktische tips en tools voor een TOPsfeer in de klas.


Sommige leerlingen hebben een kort lontje. Wat raad je aan?

Iris uit Geleen

Onderwijsdesk
Kinderen die snel driftig, brutaal of boos worden, krijgen van hun omgeving te lang en te vaak negatieve aandacht in de vorm van straf. Het is echt een misverstand dat straf leerlingen aanzet tot goed gedrag. Integendeel, het vergroot het gevoel van onrecht en dat is nu juist voor een leerling weer een prikkel om opnieuw boos en driftig te worden. Straf werkt alleen als het kind de sanctie als eerlijk beleeft en wanneer je schaars bent met straf. Een leerling die regelmatig boos en driftig om zich heen slaat, geeft een signaal af dat het niet goed met hem/haar gaat. Het ontbreekt ons vaak aan tijd en een flinke dosis geduld om de onderliggende boodschap te achterhalen, zodat je het gedrag gaat begrijpen. Wanneer je je verdiept in de reden, komt de leerling vaak zelf met de oplossing.

TIP 1: Spaar je energie en ga niet discussiëren, argumenteren of preken. Maak ook geen sarcastische opmerkingen.

TIP 2: Vraag niet naar het waarom, maar focus vooral op hoe het morgen anders kan? Laat de leerling meedenken in de oplossingen.

TIP 3: De cursus Begrijp Gedragsproblemen biedt handelingsgerichte tools om met onder andere agressief, brutaal en ongemotiveerd gedrag om te gaan. De cursus zorgt ervoor dat je je accu weer oplaadt.


Heb je een handige tip zodat leerlingen doen wat ik vraag?

Hans uit Gouda

Onderwijsdesk
Je accu raakt gauw leeg als je je steeds laat ‘verleiden’ om kinderen in de klas tot de orde te roepen, te corrigeren, te waarschuwen of dat je door te dreigen met straf kinderen probeert te stimuleren tot goed gedrag.

TIP: Zet kinderen vooraf op het goede spoor door aan te geven hoe ze goed op hun stoel zitten, verwoord precies welk gewenst gedrag je wilt zien en wat je dus van hen verwacht. In plaats van achteraf te corrigeren, zeg je: ‘Ik weet zeker dat het jullie lukt om goed op je stoel te zitten met je buik bijna tegen de tafelrand.’ Geef het moment dat de klas goed luistert, het luistergedrag een cijfer 8 of 9. Gaat het toch weer even mis, ga het negatieve gedrag dan niet veroordelen en uitvergroten, maar focus je uitsluitend op: ‘We gaan weer voor de 8!’


Ik heb 4 leerlingen met ADHD in de brugklas. Hoe kan ik het beste met hen omgaan?

Lara uit Tiel (VO onderbouw)

Onderwijsdesk
Uit onderzoek blijkt dat zo’n 27 procent van de 12- tot 16-jarigen ADHD-achtige symp­tomen ervaart. De diagnose ADHD wordt wel drie keer zo vaak toegekend aan jongens dan aan meisjes. Gedurende de volwassenheid verdwijnt dit verschil. De hyperactiviteit en impulsiviteit nemen af maar de concentratieproblemen blijven hetzelfde. Uit Ameri­kaans onderzoek weten we dat jongeren met de diag­nose ADHD meer problemen ervaren op hun school. Ze komen op een lager schoolniveau uit, halen lagere cijfers en verlaten vaker vóór het diploma school. Het is dus van belang om leerlingen met diagnose ADHD of -kenmerken goed te begeleiden.

De overgang van de basisschool naar het voorgezet onderwijs vraagt veel van jongeren. Ze krijgen per vak huiswerk, moeten de weg in school vinden, tijd en af­stand inschatten om op tijd te komen, en ervaren ook sociale druk. Er wordt verwacht dat leren leren hun eigen verantwoordelijkheid is en dat kan moeilijk zijn. Zeker voor leerlingen met ADHD-symptomen die over het algemeen al meer moeite hebben met plannen, organiseren en vooral om hun gedrag te reguleren en zich te concentreren.

TIP 1: Besteed in de les zorgvuldig aandacht aan het rooster en de planning van het huiswerk. Het helpt leerlingen als de vakken in het rooster verschillende kleuren hebben, waar de lestijden duidelijk in staan.

TIP 2: Geef leerlingen de tip om per vak een door-zichtige A4-archiefdoos te kopen, zodat boeken en schriften per vak thuis goed terug te vinden zijn en ook geordend blijven staan.

TIP 3: Bespreek met ouders niet alleen de resultaten en de concentratieproblemen, maar vooral ook wat de leerling nodig heeft m.b.t. het leren leren.

TIP 4: Volg de cursus Begrijp ADHD voor het VO van de Onderwijsdesk. 


Heb je een advies voor leerlingen die wat je ook inzet, de les blijven verstoren?

Judith uit Diemen (VO)

Onderwijsdesk
Ook al heb je voor je gevoel alles ge­probeerd, het kijken naar de oorzaken van het gedrag kan wellicht voor een oplossing zorgen. Uit verschil­lende onderzoeken blijken er twee soorten oorzaken te zijn voor ongewenst sociaal gedrag. Een oorzaak kan zijn dat leerlingen zich wel goed willen gedragen maar niet weten hoe? Deze leerlingen zijn gebaat bij het leren van sociale vaardigheden. Wat veel vaker voorkomt is dat een leerling wel weet hoe hij/zij zich behoort te gedragen, maar dit niet doet. In dit geval is het goed om te kijken onder welke omstandigheden het ongewenste gedrag zich voordoet. De vraag is dan gericht op wat de instandhoudende factoren van het gedrag zijn. Het gedrag heeft vaak een functie en het levert iets op. Om te achterhalen wat zich voorafgaand aan het probleemgedrag voordoet, observeer je wat er gebeurt. Pas wanneer je deze factoren in beeld hebt gebracht, kan je een plan maken om het pro­bleemgedrag aan te pakken. Wellicht zijn de factoren die voorafgaan aan (of juiste het gevolg zijn van) het probleemgedrag veranderbaar.

TIP 1: Wil je meer kennis over de ontwikkeling van SEL? Volg de cursus Sociaal Emotioneel Leren (SEL).

TIP 2: Behoefte aan meer inzicht hoe om te gaan met gedragsproblemen? Volg de cursus Begrijp Gedragsproblemen.


Ik heb leerlingen in de klas met signalen van sensitiviteit. Hoe kan ik het beste met hen omgaan?

Marina uit Hoofddorp (groep 6)

Onderwijsdesk
Leerlingen met een hogere sensitivi­teit zijn gevoeliger voor interne en externe stimuli en reageren intenser dan anderen op deze stimuli. Je kunt denken aan emotionele en fysieke stimuli en aan stimuli die te maken hebben met nieuwe of sociale situaties. Zo zijn harde geluiden, irritaties op de huid, het niet vies willen worden, pijnprikkels, het aanpassen aan de verwachtingen van anderen en het gevoelig zijn voor de sfeer veelvoorkomende prikkels die leerlingen van slag kunnen maken. Als gevolg daarvan kunnen ze onverwachts boos uitvallen, gestrest en dwingend reageren, overmatig piekeren of zich terugtrekken en afsluiten om de stress die deze stimuli opwekken, te doen verminderen.

TIP 1 Begrip en acceptatie zijn de pijlers waarop sensi­tieve kinderen gedijen. Erken de emoties en benoem het waarom van het gedrag, geef helder aan wat niet mag en zoek samen naar alternatieve reacties of oplossingen voor de situatie. Op donderdag 3 oktober a.s. geeft Esther Bergsma weer de inspirerende cursus Hoogsensitieve kinderen bij de Onderwijsdesk.

TIP 2 Recent onderzoek toont aan dat beweging zorgt voor betere leerprestaties. De toevoeging van rust- en bewegingsmomenten in de klas zorgt voor een nieuwe dynamiek, het zijn oefeningen die je onder andere leert bij Wendy de Groot in haar cursus Rustmoment in de klas.

Heb jij een vraag voor de Onderwijsdesk?
Mail naar info@onderwijsdesk.nl

 


Blijf op de hoogte

Meld je aan voor de PrimaOnderwijs nieuwsbrief

Nieuwsbrief