Hebben bomen hersens?

Kinderen zijn van nature nieuwsgierig en onderzoekend. Maar hoe kun je dat als leerkracht gebruiken om er leerwinst uit halen? Harry Stokhof ontwikkelde een tool om het gesprek in de klas aan te jagen, zodat leerlingen leervragen gaan bedenken en onderzoeken. ‘In feite vragen we kinderen wat zij willen vragen.’

Door Tialda Hoogeveen 

Vraaggestuurd leren is een hot topic in onderwijsland. Iedereen wil een beroep doen op de nieuwsgierigheid van leerlingen. Maar hoe doe je dat als leerkracht zonder dat het verzandt in een eindeloze brainstorm? Dat vormt een flinke uitdaging waarbij je als leerkracht vragen moet oproepen die uitdagen tot leren en het onderwerp vervolgens moet verbinden met onderwijsdoelen. Harry Stokhof testte de afgelopen vijf jaar samen met 35 leerkrachten een scenario waarmee hij leerkrachten op weg helpt dit potentieel bij leerlingen te structureren met behulp van een scenario. ‘Wat we doen is voorkennis ophalen, gezamenlijk vragen bedenken, samen kijken welke vragen we gaan gebruiken en dan die vragen als klas, als groep adopteren.’

Mindmap
Het onderzoek spitste zich toe op de groepen 5 tot en met 8, maar het scenario is ook bruikbaar en toepasbaar bij de midden- en onderbouw. Ilse Jager, nu leerkracht op de Verwondering in Nijmegen-Noord, was een van de leerkrachten die het scenario van Stokhof testte in de klas. ‘Ik heb er erg positieve ervaringen mee. Je werkt vaak met een thema dat aansluit bij de leefwereld van kinderen, dan komen de vragen vanzelf.’ Voor aanvang van een les maakt de leerkracht een expertmindmap waarin de belangrijkste begrippen zijn benoemd. Stokhof: ‘We laten leerkrachten eerst nadenken over de kern van de vraag, wat moeten de leerlingen weten? De leerlingen maken daarna met de hele klas of in groepjes een klassenmindmap. Het grappige is dat zij veelal tot dezelfde begrippen komen als de leerkracht.’ De klassenmindmap dient als startpunt voor het bedenken van vragen en het zoeken naar antwoorden. Jager: ‘Met mijn kinderen heb ik dit jaar het IPC-thema ‘red het regenwoud’ behandeld. Dieren, bomenkap: het sluit erg goed aan bij kinderen, waardoor ze moeiteloos een mindmap maken.’ Met de zelfopgezochte antwoorden vullen leerlingen de mindmap aan, waarbij ze steeds samen evalueren of alle vragen voldoende zijn beantwoord. Om de individuele resultaten te volgen, kan de leerkracht eventueel ook individuele mindmaps laten maken. Dit kan vooraf als voorkennis of achteraf individueel als een soort toetsing van het geleerde van collectieve kennis.

Mindmap

Andere rol
‘Ik weet wat leerkrachten te wachten staat als ze iets nieuws gaan doen en hoe ze altijd worstelen met tijd’, vertelt Stokhof die zelf als leerkracht op een Montessori school heeft gewerkt. ‘Ze willen best wel harder lopen, maar alleen als ze zien dat leerlingen betrokken en enthousiast raken. De motivatie en betrokkenheid zet hen in beweging.’ Jager beaamt dat tijd een factor is in het onderwijs. ‘Als je dit scenario toepast, ben je bezig met wereldoriëntatie en expressie en daar voegen we begrijpend lezen en waar kan spelling aan toe. Het vergt uiteindelijk vooral een andere rol van de leerkracht. Het kost niet meer tijd, het is een andere manier van werken en denken.’

Skypen met experts
Met die andere manier van denken doelt ze ook op kennis op een andere manier in huis halen. Daarbij vroeg Jager zich af hoe je, als je eenmaal de vragen hebt, aan je antwoord komt. ‘Als leerlingen kiezen voor een lastig maar relevant onderwerp als bijvoorbeeld nanodeeltjes, kun je een expert uitnodigen. Die is misschien te duur of te druk om in de klas uit te nodigen, maar een halfuur skypen met een expert kan kosteloos zijn. Je gaat als onderwijzer anders denken over je werk.’ Daarnaast leren kinderen goede bronnen onderscheiden van vage of slechte bronnen. Stelregel is bijvoorbeeld dat je minimaal twee verschillende bronnen checkt. Als het antwoord in beide bronnen elkaar tegenspreekt, is de tip verder te zoeken naar nog een bron op internet of in een boek.

Toekomst
Het onderzoek is afgerond, maar Jager gebruikt het scenario nog altijd in de klas. ‘Betekenisvol onderwijs is vakoverstijgend. Kinderen leren van elkaar. Ze raken betrokken bij elkaars werk. Die nieuwsgierigheid en betrokkenheid is heel belangrijk. Ik zou niet anders meer willen.’ Het scenario is op twee scholen intensief getest. In totaal hebben 23 scholen het scenario mee helpen ontwikkelen en zijn 103 leerkrachten betrokken geweest bij het onderzoek. 78 procent daarvan zegt het scenario in de toekomst weer te gaan gebruiken. Maar hoe groot het enthousiasme ook is, Stokhof zal de methode niet onderbrengen bij een uitgeverij. ‘Het is open acces materiaal. Het is met gemeenschapsgeld gemaakt en moet voor iedereen beschikbaar zijn.’

Klik hier voor de tool.

 

Vier uitgangspunten bij onderzoekend leren

1 Bied ruimte voor vragen.

2 Kijk vanuit een wat hoger perspectief naar de leerstof. Vanuit kernconcepten kun je de vragen ordenen.

3 De klas is wederzijds verantwoordelijk voor elkaars vragen. Zowel het stellen als het beantwoorden ervan.

4 Visualiseer het leerproces met behulp van een mindmap. Dat maakt het overzichtelijk.


Blijf op de hoogte

Meld je aan voor de PrimaOnderwijs nieuwsbrief

Nieuwsbrief