Eén opleiding voor alle leraren?

Wat denken onderwijsprofessionals van het advies van de Onderwijsraad?

Eén basisopleiding voor alle leraren, aangevuld met specialisaties in meerdere vakken zoals ‘bèta’ of ‘het jonge kind’. Dat adviseerde de Onderwijsraad in het rapport ‘Ruim baan voor Leraren’ (in november 2018). De vernieuwing beoogt de leraar als een zich continu ontwikkelende professional, die de overstap kan maken van het ene naar het andere schooltype en inspeelt op de behoefte aan nieuwe vakken en ontwikkelingen op school. En het pakt het lerarentekort aan. Een goed idee? PrimaOnderwijs vroeg het een aantal aan leraren, opleiders, schoolleiders en bestuurders in het onderwijsveld.

Door Erik Ouwerkerk

 ‘Inhoudelijk vind ik het zeer verdedigbaar om voor iedereen in het onderwijs met een basisopleiding (pedagogiek) te starten en van daaruit te kijken wat bij je past en je verder te scholen’, zegt Jeroen Gommers, bestuurder van Samenwerkende Vrijescholen Zuid-Holland. In het Vrijeschoolonderwijs ziet hij de flexi­bele onderwijzer al in de praktijk: ‘We werken in het primair en voortgezet onderwijs vanuit een doorgaan­de leer- en ontwikkellijn, en de pedagogische visie sluit naadloos aan. Daarom stappen er relatief veel leraren vanuit het basisonderwijs over naar de mid­delbare school.’ Chris van Gool is docent op de lera­renopleiding van de Hogeschool Rotterdam. Hij ziet een brede basis met beroepsvaardigheden gevolgd door een specialisatie wel zitten. Hij verwijst naar zorg en sociale studies, die al hebben gekozen voor een gemeenschappelijk fundament aangevuld met specialisaties in bijvoorbeeld zorg, jeugd, welzijn of forensische begeleiding. ‘Nu is het tijd voor de lerarenopleidingen om die omslag te maken.’

‘De chemie van een klas vind ik magisch, de dag die compleet anders kan zijn omdat er ineens allemaal tanden gewisseld worden’

Franscal Udo had er als student baat bij kunnen heb­ben. Hij is nu docent op het Business & Administration College van ROC Midden-Nederland. Hij heeft er wel­eens over nagedacht de overstap te maken naar het voortgezet onderwijs, ‘maar dat is vrij lastig vanuit MBO omdat er (vak)specifieke docenten gezocht worden met kleine aanstellingen. Op het MBO ben je breder inzetbaar.’ Danielle Evers, juf van groep 3/4 en innovatiecoördinator van basisschool De groene Ring in Duiven, ziet de mogelijkheden van een nieuwe op­leidingsopzet: ‘Wat mij betreft zullen specialisaties goed zijn, voor erbij. Bijvoorbeeld de leerkracht op de achtergrond en de gespecialiseerde leerkracht in de speciale lessen.’ Een eventuele overstap naar een ander schooltype speelt voor Evers niet: ‘De chemie van een klas vind ik magisch. De dag die compleet anders kan zijn omdat er ineens allemaal tanden gewisseld worden, de wisselwerking als er bij iemand thuis iets leeft, de band die je opbouwt met een groep, dat zou ik voor geen goud willen missen.’

‘Als een brede vorming ertoe leidt dat men naar het voortgezet onderwijs overstapt omdat daar de salarissen en voorwaarden beter zijn, los je de leraren­tekorten niet op’

Het advies van de Onderwijsraad schetst slechts de contouren van de scholing van toekomstige leraren; verdere details moeten nog uitgewerkt. In het veld zijn de reacties positief wat betreft een brede basisopleiding, maar kritisch ten aan­zien van het niveau van de opleiding, het salaris en de status als beroepsgroep. Evers: ‘Als een brede vorming er uiteindelijk toe leidt dat men naar het voortgezet onderwijs overstapt omdat daar de salarissen en voorwaarden beter zijn, los je de leraren­tekorten niet op’, merkt ze op. Ronald Pieck, directeur van basisschool Passe-Partout in Rotterdam spreekt zelfs over ‘een kansloze missie zolang de salariëring nog zo sterk verschilt.’ Aangenomen dat het advies van de Onderwijsraad daadwerkelijk wordt uitgewerkt en uitgevoerd, en speculerend op een brede opleiding, doorlerende en flexibel inzetbare leraren, met boven­dien een CAO voor professionals die van voorschoolse opvang tot aan het middelbaar beroepsonderwijs op dezelfde manier in elkaar steekt... zou daarmee alles op orde zijn?

Leven lang leren

De onderwijzer van de toekomst is mobiel en geeft zijn carrière zelf vorm aan de hand van zijn kennis, interesses en ervaring. Dat zijn gemotiveerde jonge volwassenen met ambities. Gommers: ‘Het advies is geënt op de opleidings- en loopbaanstructuur in Singapore. Het vak van leraar/onderwijsprofessional staat daar zeer hoog in aanzien. Alleen de top 10 procent van de VO-leerlingen wordt op de opleiding toegelaten.’ Moet er meer gekeken worden naar welke student je aantrekt, ligt daar de sleutel tot sterk onderwijs met goede onderwijzers? Gerard Verhoef stelt namens Beter Onderwijs Nederland (BON) van wel: ‘Een generieke lerarenopleiding trekt mensen die ‘iets met kinderen willen doen’. Dat haalt de liefde voor het vak, de bevlogenheid, uit het onderwijs. Dat is heel slecht voor de kwaliteit van het onderwijs.’ De andere deelnemers aan de peiling uiten zich constructiever, maar ook bij hen wordt het belang van een opleiding op niveau aangestipt. Onder andere door Evers: ‘Ik weet niet hoe de pabo’s nu draaien. Ik ben in 2002 afgestudeerd en ik vond het niveau toen erg laag.’ Het is misschien niet noodzakelijk dat alleen de 10 procent slimste jongens en meisjes van de klas later ook vóór de klas staat, maar de lat mag natuur­lijk best hoog gelegd worden. Ook qua motivatie en ambitie: als een leraar niet alleen pedagogische kwaliteiten heeft en kennis bezit, maar zichzélf ook wil en kan ontwikkelen, leeft hij het motto van ‘een leven lang leren’ vanzelf na.

Reageren?

Laat ons via social media weten wat jij vindt #1lerarenopleiding of stem via de poll. (Stemmen is anoniem.)

 

Reacties niet mogelijk

Blijf op de hoogte

Meld je aan voor de PrimaOnderwijs nieuwsbrief

Nieuwsbrief